Plagiaat volgens Daan Doesborgh

Hoi Daan,

Gisteravond las ik mijn nieuwe bundel Toondoof weer eens door en werd plotseling gegrepen door de angst dat ik je heb bestolen. Het moet een jaar of zeven jaar geleden zijn geweest dat je een dichtersavond organiseerde in een studentencafé aan de Spuistraat waar ik kwam opdraven in ruil voor gratis drank. Bij het zoveelste biertje vertelde je me een verhaal over Fred Astaire dat ik zo fraai vond dat het me onwaarschijnlijk leek dat het ook waar zou zijn. Zulke mooie cadeautjes heeft het leven meestal niet voor ons in petto. Het verhaal bleef me bij en op gegeven moment kwam er een gedicht van, waarnaar uiteindelijk mijn hele bundel vernoemd zou worden. Gisteravond las ik het weer en bedacht ineens iets waarvan ik niet begrijp dat het niet eerder bij me is opgekomen: wat als die Daan de hele anekdote uit zijn duim heeft gezogen? Dan zou ik onbedoeld met een idee van een collega aan de haal zijn gegaan. Kun je mij geruststellen?

Hartelijke groeten,
Krijn Peter

Hoi Krijn Peter,

Als ik het me goed herinner kwam je niet opdraven voor gratis bier, dat was wel mijn voorstel maar jij had toen de regel aangenomen dat je niet meer voor niks op ging treden, een regel die ik even bewonderenswaardig en redelijk als vervelend vond want ik betaalde die avonden uit eigen zak. Wat ik overigens niet als oud zeer op wil rakelen hoor, ik heb inmiddels eindelijk de moed gevonden om me ook zo op te stellen, dat is een noodzaak voor ons allemaal maar je moet er even achter komen.

Hoe dan ook, ik vrees dat ik niet meer weet welke anekdote over Fred Astaire je bedoelt. Wat ik je wel kan zeggen is dat ik nog nooit een verzonnen verhaal als waargebeurde anekdote heb vermomd, want daar doe ik niet aan. Ik ben júist gefascineerd door verhalen die overkomen alsof ze zijn verzonnen, maar toch echt zijn gebeurd.

Zou je me de anekdote nog eens na kunnen vertellen? Het is met anekdotes als met moppen: ik ken heel veel goeie, maar ik ben er nog veel meer alweer spoorloos vergeten. Waarmee ik maar wil zeggen: het kan goed dat je me geplagieerd hebt, ook al weet ik die anekdote niet meer, maar sowieso heb je dan niet mij maar de werkelijkheid geplagieerd, en de werkelijkheid plagiëren lijkt me een mooie definitie van poëzie.

Groeten uit Marrakech,
Daan

PS: voor het pas na de drukgang bedenken dat je mij misschien hebt geplagieerd ontvang ik graag een exemplaar van je bundel. 😉 Wie weet kunnen we er tijdens een aflevering van mijn podcast nog eens over doorpraten.

Hoi Daan,

Je vertelde me destijds dat Fred Astaire toondoof was. Bij elk optreden liet hij speciaal extra luidsprekers onder het podium zetten. Hierdoor begon zijn lichaam zo hevig met de muziek mee te trillen dat hij zonder het zelf te kunnen horen zuiver zong.

Komt dit verhaal je bekend voor? Die bundel krijg je sowieso. Als je me het verhaal niet in levende lijve hebt aangereikt, dan deed je het in spookverschijning, en dat is ook een bedankje waard. Neem anders donderdagavond de boot naar Houtmolen de Ster in Utrecht. Ik heb dan een optreden en misschien hebben ze voor jou ook nog wel betaald emplooi.

Hartelijke groeten,
Krijn Peter

PS Bij wijze van eerbetoon zou ik je email op mijn website willen citeren. Is dat oké?

De eenvoud van een slagroomspuit

De man met de woeste grijze baard en het vissershoedje zeult steevast een sporttas met zich mee, waaruit hij van alles opdiept: een beduimeld schriftje, een mobiele telefoon en – als de vrouw van de koffiebar net even de andere kant op kijkt – grote plastic flessen cola of fanta. Hij kent de regels van … “De eenvoud van een slagroomspuit” verder lezen

Verdwaald in eigen werk

Een tijd terug kreeg ik een email van Michiel, een jeugdvriend die ik in geen twintig jaar heb gezien. Hij schreef: ‘Vorige maand las ik met stijgende verbazing en steeds groter wordende glimlach de recensie van je boek in NRC Handelsblad. Hilarisch hoe de alwetende boekenrecensent zichzelf te kijk zet.’ Criticus Sebastiaan Kort had namelijk … “Verdwaald in eigen werk” verder lezen

Een bestseller in wording

Robert Louis Stevenson was nog volslagen onbekend, toen hij zich vanwege longproblemen gedwongen zag op kosten van zijn ouders naar een Zwitsers kuuroord af te reizen. Hij werkte er aan het boek dat hem wereldberoemd zou maken, Schateiland, maar in de avonduren zoog hij rijmpjes uit zijn duim. Zijn stiefzoon van twaalf had een kleine … “Een bestseller in wording” verder lezen