Ik ontleende het gedicht destijds aan een ansichtkaart. Kregting had opgetreden in Perdu. Vrouw en kind had hij meegenomen. Het kind wilde geen seconde missen van haar vaders optreden en gaf daar uiting aan door luidkeels te blèren, met als gevolg dat hij naar het kantoor werd verbannen en alles miste. Aan het eind van die avond deelde Kregting zijn ansichtkaarten uit. Boekpublicaties waren achterhaald. Ansichtkaarten, dat was de toekomst. Maar wel een vluchtige toekomst. Ansichtkaarten raak je kwijt.
Ik vermoed dat Kregting het gedicht uiteindelijk wel degelijk ook in boekvorm heeft gepubliceerd, en wel in de dichtbundel Zoem!, maar als ik de webwinkel van Perdu daarop nasla, lees ik: ‘Momenteel niet op voorraad. Dit product is misschien moeilijk leverbaar.’ De afwijzing klinkt me door dat ‘misschien’ eigenlijk alleen nog maar onheilspellender in de oren. Maar ergens heeft het ook wel iets poëtisch. De eerste kiem weigert hardnekkig zich te laten reconstrueren.
Het gesprek kwam weer op Kregtings gedicht omdat Elsa nu een broertje heeft gekregen, Edo. Ik heb hem verwelkomd met een lied dat ik speciaal voor de gelegenheid heb geschreven. De ouders staan erop dat ik er ook een opname van maak. Anders gaat het maar verloren. Ik wil nog protesteren dat het toch ook wel iets poëtisch heeft als het welkomstlied even snel vervluchtigt als Edo’s eerste wankele schreden op het levenspad. Maar ik houd mijn mond al. Wat heb je nou helemaal aan poëzie?
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Krijn Peter Hesselink
{ 0 reacties }

