‘Dat vind jij helemaal niet!’

De jongen vroeg of ik in een eeuwige ziel geloofde. Altijd gevaarlijk. ‘God mag het weten,’ probeerde ik nog. ‘Dat soort vragen gaat mijn eenvoudige verstand te boven…’ Maar het mocht niet baten. De jongen moest en zou weten waar ik stond. Ik haalde diep adem.

‘Oké,’ zei ik. ‘Als je me met een pistool tegen de slaap dwingt om stelling te nemen, kan ik alleen maar rationalist zijn. Een eeuwige ziel is onbewijsbaar. Je wereldbeeld wordt er ingewikkelder door zonder dat het meer verklaart. Ik kies voor eenvoud. Een eeuwige ziel bestaat niet.’

Dit was het verkeerde antwoord. ‘Dat vind jij helemaal niet,’ riep de jongen verontwaardigd uit. ‘Jij hoort bij óns kamp!’

Ik moest weer aan dit merkwaardige gesprek uit mijn studententijd denken toen ik onlangs op Facebook mijn gal zat te spuien over een in mijn ogen wanstaltige column op www.elsevier.nl, waarin Afshin Ellian zijn eerste reactie gaf op de aanslagen in Noorwegen. Ontzet dat de kogel deze keer van rechts kwam probeerde Ellian de christenfundamentalist Breivik om te toveren in een veredelde moslimterrorist: ‘Iemand die weerloze kinderen zomaar doodschiet, is niet zomaar een psychopaat, maar ook nog een door politieke islam geïslamiseerde psychopaat.’ Ik vond dit een schandelijke verdraaiing van de feiten.

Een Facebookvriend was echter van mening dat ik niet zo hoog van de toren moest blazen. Hij schreef: ‘Pas als “links” de inmiddels ingeburgerde stemmingmakerij en wanstaltigheid binnen eigen kring onder ogen durft te zien heeft het ook recht van spreken over “wanstaltige meningen” buiten de eigen kring.’ Weer werd ik volautomatisch in een kamp ingedeeld. Ik kon tegensputteren wat ik wilde, maar ik werd meedogenloos terecht gewezen: ‘Er zijn heel veel mensen in Nederland die vinden dat ze niet in kampen denken, maar toch haast alleen maar omgaan met mensen van dezelfde politieke overtuiging, sociaal-economische klasse en huidskleur.’

Nu is het inderdaad zo dat ook ‘linkse’ kranten als de Volkskrant en het NRC Handelsblad aanvankelijk uitgebreid speculeerden over betrokkenheid van al-Qaeda zonder daarvoor ook maar een flintertje bewijs aan te kunnen dragen. Maar Ellian bleef hardnekkig proberen de aanslagen met zijn lievelingsvijand in verband te brengen, toen allang duidelijk was geworden dat de dader Geert Wilders als een van zijn grote voorbeelden zag. Mag ik daar pas wat van zeggen als ik eerst heb zekergesteld dat alle mensen aan mijn kant van het politieke spectrum zuiver in de leer zijn?

Iemand als Ellian reageert zo spastisch op Breiviks wandaden omdat ze het failliet van zijn groepsdenken blootleggen. Wie mensen aan de hand van één enkel criterium, een tot ideologie omgedoopte religie, een intrinsieke neiging tot gewelddadigheid denkt te kunnen toeschrijven, moet haast wel in paniek raken wanneer hij zich dreigt te herkennen in de ideologie van een terrorist.

Wie in kampen denkt, lijdt aan blikvernauwing. Daarmee wil ik niet beweren dat die kampen denkbeeldig zouden zijn. Het is maar al te waar dat ik – om bij mezelf te blijven – een linksige, weinig koopkrachtige, blanke dichter ben. Maar dat is maar een van de vele manieren waarop je mij zou kunnen positioneren. Desgewenst kun je me ook indelen bij de import-Amsterdammers, bij de passieve voetballiefhebbers of bij de politiek-correcte intellectuelen met een Marco-Borsato-fetisj.

Wat Mohammed B. en Anders Breivik gemeen hebben is dat ze zich bij het inschatten van hun medemens beperken tot een handjevol criteria, waardoor er slechts twee duidelijk omlijnde groepen ontstaan: wij en zij, vriend en vijand. Wie daar tegen in het geweer wil komen, moet zijn politieke tegenstrevers dus juist niet als een vijandig kamp behandelen. Uiteindelijk zitten we allemaal in hetzelfde schuitje. Ellian, je bent een van ons.

Krijn Peter Hesselink

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.