Anton Corbijn en A.L. Snijders als de auteurs van hun eigen leven

Anton Corbijn in 'Inside out'
Wie is de ware auteur van de documentaire ‘Inside out’ die Klaartje Quirijns heeft gemaakt over Anton Corbijn? In een interview verklaart Corbijn dat hij zo ontevreden was over een eerdere documentaire die over hem gemaakt was ‘dat ik een vriendin van mij gevraagd heb misschien een andere kijk erop te geven.’ Die vriendin is Quirijns en de resulterende film moge dan haar kijk weergeven, de toon waarmee Corbijn erover spreekt doet vermoeden dat hij het niet geduld zou hebben als die kijk al te zeer van de zijne had afgeweken.

‘Inside out’ verraadt nergens dat Corbijn de vrouw die hem interviewt als een persoonlijke vriendin beschouwt. Ogenschijnlijk laat hij zijn bekentenissen tegen heug en meug uit zich trekken. Hortend en stotend komt het eruit. Na een paar korte, enigmatische zinnen draait hij zich af en loopt weg van de camera.

Corbijn neemt Quirijns mee naar zijn dementerende moeder. Hij vraagt of die zijn keuze om popfotograaf te worden destijds afkeurde. Nee hoor, antwoordt zijn moeder. Zij en haar man waren hooguit bezorgd of hij daar wel fatsoenlijk mee in zijn brood zou kunnen voorzien. Begrijpelijke zorgen, maar Corbijn blijft graven. Zijn vader was dominee, zijn ooms waren dominee, iedereen was dominee, dan moet het toch haast wel een teleurstelling zijn geweest dat hij ervoor koos zich in de rock ’n’ roll onder te dompelen? Nee hoor.

Even later registreert de camera hoe Corbijns moeder zich achteloos laat ontvallen dat ze eigenlijk met iemand anders had willen trouwen, maar dat mocht niet van haar ouders. Corbijn is geen afgewezen zoon, hij is de zoon van een afgewezen vader.

Volgens zijn zus is Corbijn zo goed geworden omdat hij alles voor zijn kunst opzij zet. Hij heeft geen leven; hij heeft alleen zijn werk. Zelf zegt hij dat hij niet tot diepgaande relaties in staat is. Hij is voortdurend bang om afgewezen te worden. Misschien zijn zijn foto’s wel zo indringend omdat hij er een intimiteit in zoekt die normale mensen reserveren voor het contact met hun dierbaren.

In mijn voorstelling Broerrr verhaal ik hoe een ex ooit tegen me zei dat ze nog nooit eerder iemand had ontmoet die zo mogelijk nog geobsedeerder met zijn werk bezig was dan zijzelf. Destijds beschouwde ik dit als een compliment. Monomanie was het brandmerk van de ware kunstenaar. Bij het zien van ‘Inside out’ begon ik echter aan mezelf te twijfelen. Tegen de monomanie van Corbijn zou ik nooit op kunnen.

De vriendin met wie ik de film keek had andere prioriteiten. Ze vroeg zich vooral af hoe Corbijn het toch voor elkaar kreeg er voortdurend zo smaakvol bij te lopen. Zou hij zelf zijn kleren kopen? In zekere zin keek ze beter dan ik. Ze stelde zich een vraag die bij mij gisteravond pas opkwam tijdens het snijden van een uitje, een halve paprika en wat courgette: hoe authentiek is de Anton Corbijn die we in ‘Inside out’ te zien krijgen? Tijdens het fruiten van de ui begonnen mijn gedachten zich uit te kristalliseren. Tegen de tijd dat ik een eenpersoonsmaaltijd op mijn bord kon schuiven, was het tijd om mijn laptop open te klappen en aan dit stukje te beginnen.

A.L. Snijders in 'Een handige dromer'
De directe aanleiding voor dit alles was de documentaire die Joost Conijn heeft gemaakt over de schrijver A.L. Snijders: ‘Een handige dromer’. Eigenlijk had ik moeten schrijven die middag, maar mijn ijver schoot weer eens tekort. Uitzending Gemist betoonde zich onweerstaanbaar.

Ook Conijn en Snijders zijn persoonlijke vrienden, maar anders dan bij Quirijns en Corbijn wordt dit van meet af aan expliciet uitgespeeld. Aan het begin van de documentaire vraagt Snijders aan Conijn hoe hij zich moet gedragen voor de camera. Conijn is tenslotte een filmmaker. Die heeft daar verstand van. Tegen het einde van de documentaire vraagt Conijn of Snijders de Constantijn Huygensprijs niet wat eerder in zijn leven had willen krijgen. Tuurlijk, antwoordt Snijders. En hij had ook wel geboren willen worden als miljonair. En hij had Conijn ook al wel willen kennen als vijftienjarige.

Snijders neemt de dingen zoals ze komen. Hij zou graag een roman schrijven, maar helaas, hij heeft er de discipline niet voor, hij laat zich veel te vaak van het toetsenbord weglokken om bomen te hakken, vensterbanken te schilderen, tractors te repareren. Hij is te laconiek om te proberen Conijns documentaire naar zijn hand te zetten, maar komt allicht juist daardoor precies zo over als hij over wenst te komen. Hij doet door niet te doen. (Tao.) Corbijn laat zich juist kennen door de manier waarop hij zijn eigen beeldvorming probeert te beïnvloeden en geeft de documentaire waar hij het onderwerp van is daardoor een extra spanning mee. Moeilijk te zeggen op wie ik het meeste zou willen lijken.

Krijn Peter Hesselink

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *