Een beeld dat onder de zoden zakt

11 januari 2014

Mijn vader is de man die de kaart leest. Zo hebben mijn ouders de taken verdeeld. Op een keer waren ze op Schiermonnikoog aan het wandelen, toen mijn moeder beter bleek te weten waar ze waren dan mijn vader. Hij zei: ‘Ik heb de kaart nu eenmaal beter in mijn hoofd zitten dan het landschap.’

Mijn moeder vertelde me dit verhaal in een e-mail naar aanleiding van vier op mijn vader geïnspireerde gedichten. Zodra mijn nieuwe bundel, Als niemand vangt, eind januari in de winkel ligt, kan iedereen ze lezen. Mijn ouders kregen nu alvast een voorproefje.

De Schiermonnikoog-anekdote werd bij mijn moeder losgemaakt door een gedicht over een uit de hand gelopen bergwandeling. In een ander gedicht, zo schrijft mijn moeder, herkent ze ‘het beeld van papa, die met schuin geheven hoofd nadenkt. Ik vraag me dan ook altijd af of hij ooit uit zichzelf nog terugkomt. Ik ben te ongeduldig om dat af te wachten, maar ik ga het geloof ik toch maar eens proberen.’ De resultaten van deze proefneming worden in de familie uiteraard met spanning afgewacht.

Zelf maakte ik me van tevoren het meeste zorgen over een gedicht waarin ik mijn vader ten grave lijk te dragen. Tot mijn opluchting betoonde hij zich vergevingsgezind. In een karakterstiek bondig e-mailtje schrijft hij: ‘Het jaagt inderdaad schrik aan te lezen hoe ik als ik mijn punt gemaakt heb, onder de zoden zak. Ik probeer me er maar mee te troosten dat niet ik het ben die zakt, maar een beeld dat jij van mij gemaakt hebt.’

Mijn vader is de man die de kaart leest. Hij beseft dat beeld en werkelijkheid nooit volledig overeenkomen. En gelukkig maar. Anders kreeg hij geen kans meer te verdwalen.

Krijn Peter Hesselink

Laat hier een reactie achter.

Vorig stuk:

Volgend stuk:

Chris van der Blonk