Een kraanvogel vliegt uit

2 februari 2015

Krijn Peter Hesselink (midden) krijgt instructies van
kunstenaar en cliënt Martin Luhulima (rechts)

‘Heb je al gehoord dat Obama opkomt voor de mensenrechten?’ Met op zijn hoofd een leren fietshelm tegen het vallen zit Rob aan de koffie en voert het hoogste woord. ‘Heb je al gehoord dat Mark Rutte afstand heeft genomen van Geert Wilders? Heb je al gehoord dat Angela Merkel de Olympische Spelen in Rusland heeft geboycot?’ Ik kan alleen maar knikken. Ja, ik heb het al gehoord.

Later neemt Rob me mee naar zijn kamer om me een paar van zijn schilderijen te laten zien. Hij schildert het liefst vissen. Die zijn zo heerlijk rustig, maar soms eten ze elkaar ook op! Nadat ik zijn schilderijen heb bewonderd, wil hij me meetronen naar zijn diploma’s. Nu moet ik hem teleurstellen. Ik loop een dag lang mee op Abrona, een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking, om inspiratie op te doen voor een gedicht dat in maart 2015 op Abrona zal worden gepresenteerd. Er zijn meer afdelingen om te bezoeken. Ik moet door.

Zo beland ik op een afdeling die Snoezelen genoemd wordt. Het licht is gedempt. Er klinkt pianomuziek en vogelgekwetter. Cliënten liggen te slapen, nemen een voetbad of krijgen een massage. De begeleidster fluistert me toe dat er de dag tevoren iemand is overleden. Dit heeft voor de nodige opschudding gezorgd. Een cliënt zei tegen haar: ‘Ik moet niet té rustig worden, want dan komt het verdriet.’

Er zijn meer mensen op Abrona die hun gevoel niet altijd de ruimte geven. Op de afdeling Taken en Klussen, waar cliënten handdoeken tellen of boodschappen rondbrengen, legt de begeleider me uit dat het er heet aan toe kan gaan. Hij zegt: ‘Als ik bij een cliënt de stoppen zie doorslaan, ben ik blij dat ik niet altijd kan navoelen wat er in hem omgaat.’

In het uit de kluiten gewassen lijf van een volwassen man of vrouw kan hier als het ware een onvolgroeid kind gevangen zitten dat van het ene moment op het andere in een redeloze woede losbarst. Bijten, krabben, trappen, slaan. Een medewerker vertelt me dat ze zich jaren geleden rot schrok toen ze bij haar twee jaar oude dochter gedrag bespeurde dat ze herkende van haar cliënten. Gaandeweg ontdekte ze dat het omgekeerd zat. Haar dochter had geen verstandelijke beperking. Sommigen van haar cliënten waren innerlijk twee jaar oud.

Van Martin kan ik me nauwelijks voorstellen dat hij om niets zijn zelfbeheersing zou verliezen. Hij is de zachtmoedigheid zelve terwijl hij me op het atelier uitlegt hoe ik met waskrijt een kraanvogel moet tekenen. Ik vraag hem of hij elke dag op het atelier zit. Nee, zegt hij. Tekenen doet hij twee dagen in de week. Daarnaast heeft hij nog twee andere banen. Die zijn ook heel leuk. Mijn kraanvogel is nog maar half ingekleurd, als ik alweer door moet. De begeleidster stelt voor dat Martin hem voor me afmaakt. Hij gaat meteen enthousiast aan de slag. Nu krijgt mijn kraanvogel pas echt vleugels.

De Kraanvogel

‘De kraanvogel’, ontwerp: Krijn Peter Hesselink, uitwerking: Martin Luhulima

Krijn Peter Hesselink

{ 1 reactie… read it below or add one }

Gerard Beentjes februari 2, 2015 om 11:01

‘Ik moet niet té rustig worden, want dan komt het verdriet.’
Dit is echt een bijzondere uitspraak om over na te denken.

Laat hier een reactie achter.

Vorig stuk:

Volgend stuk:

Chris van der Blonk